alles over ongeneeslijke ziektes
← Alle ziektes Zeldzame en erfelijke aandoeningen

Primaire immuundeficiënties (ernstig)

Wil je bericht krijgen als er nieuw onderzoek is over Primaire immuundeficiënties (ernstig)? Dat kan met een account. Maak een gratis account of log in.

Laatst bijgewerkt: 2026-08-10 · automatisch gecontroleerd, steekproefsgewijs nagelopen

# Behandelwijzen bij primaire immuundeficiënties (ernstig)

De behandeling van ernstige primaire immuundeficiënties wordt bepaald door welke onderdelen van het immuunsysteem aangedaan zijn en hoe ernstig. Omdat elk type deficiëntie anders werkt, verschilt ook de aanpak per patiënt. Hieronder beschrijven we de voornaamste behandelrichtingen.

Vervanging van immuunglobulinen

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Bij veel ernstige immuundeficiënties — vooral B-cel- en antilichaamdeficiënties — krijgen patiënten immuunglobulinen toegediend. Dit zijn antistoffen die uit donorbloed zijn gewonnen en het lichaam helpen infecties af te weren.

Deze immuunglobulinen kunnen op verschillende manieren worden toegegeven:
- **Intraveneus** (via een infuus in de ader): dit wordt meestal om de drie tot vier weken gegeven.
- **Subcutaan** (onder de huid): dit kan thuis gebeuren, vaak wekelijks of tweewekelijks.

Beide wegen zijn in officiële richtlijnen opgenomen als standaardbehandeling. Recent onderzoek bevestigt dat nieuwe formuleringen (zoals intraveneuze immuunglobulinen met hogere concentratie) goed worden verdragen en infecties effectief voorkomen.

**Bijwerkingen** zijn meestal mild: hoofdpijn, rillingen, licht koorts, spierpijn of lokale reacties op de injectieplaats. Ernstiger bijwerkingen zijn zeldzaam maar kunnen voorkomen, zoals nierschade of trombose; deze worden nauwlettend gemonitord.

Antibioticaprofylaxe

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Voor patiënten met bepaalde immuundeficiënties worden antibiotica voorgeschreven als *voorkoming* van infecties, niet alleen ter behandeling ervan. Dit gebeurt vooral bij aandoeningen met een hoog infectierisico en frequente luchtweginfecties.

De keuze van antibioticum en de inname hangt af van het specifieke defect en de infectieptroon. Dit wordt altijd door de behandelaar bepaald op basis van de patiënt.

**Bijwerkingen** variëren per antibioticum: maag- en darmproblemen, allergie, gist- en schimmelinfecties als neveneffect van langdurig gebruik.

Stamceltransplantatie

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Voor bepaalde zeer ernstige primaire immuundeficiënties — zoals X-gebonden adrenoleukodystrofie, bepaalde typen SCID (Severe Combined Immunodeficiency) of syndromale immuundeficiënties — is stamceltransplantatie een etableerde behandeling. Hierbij worden gezonde immuuncellen van een donor in het lichaam van de patiënt ingebracht, meestal na intensieve voorbereiding van het eigen beenmerg.

Dit kan uit bloed of beenmerg van een verwant of onverwante donor, of soms uit navelstrengbloed.

**Hoe het werkt:** de donor-stamcellen groeien uit in het lichaam van de patiënt en bouwen een nieuw, functioneel immuunsysteem op.

**Bijwerkingen** en risico's zijn aanzienlijk: infecties tijdens herstel, graft-versus-host disease (de donor-cellen beschadigen het eigen lichaam), en orgaanschade door de voorbereiding. Deze behandeling vereist langdurige opname en intensieve zorg.

Stamceltransplantatie is alleen geschikt voor geselecteerde patiënten en wordt altijd in gespecialiseerde centra uitgevoerd.

Gentherapie

OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling
Tot **Bewezen** (afhankelijk van het type deficiëntie)

Gentherapie is een relatief nieuw veld waarin het defecte gen wordt gerepareerd of vervangen. Voor enkele primaire immuundeficiënties — zoals bepaalde SCID-vormen en Wiskott-Aldrich syndroom — is gentherapie inmiddels in klinisch gebruik.

**Hoe het werkt:** vaak worden stamcellen uit het beenmerg van de patiënt zelf verwijderd, het gen in het laboratorium gerepareerd of aangevuld, en de verbeterde cellen weer in het lichaam teruggebracht. Dit kan ook met behulp van genbewerking (CRISPR-achtige technieken) gebeuren.

Recent onderzoek toont aan dat bepaalde patiënten met STAT1 gain-of-function ziekte hun immuunfunctie hebben zien verbeteren na genbewerking van hun stamcellen.

**Bijwerkingen** zijn nog niet volledig bekend, omdat gentherapie relatief jong is. Potentiële risico's zijn insertie-mutagenese (genen op onverwachte plekken terecht) en onverwachte immuunreacties.

Gentherapie is momenteel beperkt tot erkende centra en vaak onderdeel van onderzoeksprogramma's of klinische vervolgstudies.

Specifieke behandelingen bij complicaties

Gastrointestinale problemen

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Bij bepaalde immuundeficiënties — vooral common variable immunodeficiency (CVID) — treden maag- en darmklachten op. De behandeling richt zich op de onderliggende oorzaken (bijv. bacteriale overgroei of ontstekingen) en symptoombestrijding, en kan medicijnen bevatten die ontsteking tegengaan of de darmflora normaliseren.

Longontsteking (granulomateuze infiltraties)

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Sommige patiënten met CVID of andere deficiënties ontwikkelen chronische ontstekingsziekten in de longen (granulomateuze lymfocytaire interstitiële longziekte). Deze kunnen worden behandeld met ontstekingsremming (bijvoorbeeld corticosteroïden) of gericht ontstekingsdempende medicijnen.

Ondersteunende zorg

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Naast specifieke immuuntherapieën ontvangt elke patiënt:
- **Vaccinaties** (meestal levend verzwakte vaccins niet, vanwege infectierisico; wel dode vaccins, hoewel de werking beperkt kan zijn).
- **Infectiepreventie:** hygiëne, contacttracing, isolatie bij besmettingen.
- **Monitoring:** regelmatige bloed- en immuunceltellingen, screenings op infecties en complicaties.
- **Psychosociale ondersteuning:** omgang met chronische ziekte, regelmatige vervolgafspraken.

Experimentele benaderingen

ExperimenteeliLoopt in studieverband, de uitkomst is nog onbekend

Verschillende nieuwe strategieën lopen in studieverband:
- Geavanceerde genbewerking (CRISPR-Cas9) voor meer aandoeningen.
- Kunstmatige thymus-creatie (voor T-cel-deficiënties).
- Gericht vervangen van specifieke ontbrekende eiwitten.
- Onderzoek naar nieuwe antilichaam-vervangingsmiddelen met langere werking.

Deze behandelingen zijn nog niet beschikbaar buiten onderzoeksprogramma's.

Erfelijke aandoeningen als Papillon-Lefèvre syndroom

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Voor syndromale immuundeficiënties (zoals Papillon-Lefèvre syndroom, een combinatie van tandvleesafwijkingen, huidproblemen en immuundeficiëntie) is antibioticaprofylaxe en verzorgend behandelen van de huid en tanden standaard. In ernstige gevallen kunnen ook agressievere behandelingen zoals stamceltransplantatie worden overwogen.

---

_Deze informatie vervangt nooit het oordeel van een arts. Bespreek je situatie altijd met je eigen behandelaar._

↑ Terug naar boven

Gebruikte bronnen

Boven elke bron staat in één zin waar het onderzoek over gaat, zodat je niet op een Engelse vaktitel hoeft af te gaan. Meer studies over Primaire immuundeficiënties (ernstig) vind je bij publicaties en studies.

↑ Terug naar boven

codex.care geeft geen medisch advies. Bespreek klachten, medicatie en behandelkeuzes altijd met je eigen behandelaar.