alles over ongeneeslijke ziektes
← Alle ziektes Kanker

Chronische lymfatische leukemie

Wil je bericht krijgen als er nieuw onderzoek is over Chronische lymfatische leukemie? Dat kan met een account. Maak een gratis account of log in.

Laatst bijgewerkt: 2026-08-10 · automatisch gecontroleerd, steekproefsgewijs nagelopen

# Behandelwijzen voor chronische lymfatische leukemie

De behandeling van chronische lymfatische leukemie (CLL) is de afgelopen jaren sterk veranderd. Waar vroeger chemotherapie de eerste keuze was, werken artsen tegenwoordig vaker met gerichte middelen die aanvallen op specifieke kenmerken van de zieke cellen. De keuze van behandeling hangt af van de fase van de ziekte, of patiënten eerder behandeld zijn, bepaalde genetische eigenschappen van de leukemiecellen, en de algemene gezondheid.

Watch and wait

Bij een deel van de patiënten groeit de CLL zeer traag en veroorzaakt lange tijd weinig last. In deze gevallen kan het voorzichtig afwachten (ook 'wait and see' genoemd) het eerste beleid zijn. Dit betekent dat geen chemotherapie of gerichte middelen worden gegeven, maar dat bloedwaarden regelmatig gecontroleerd worden.

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Afwachten is gebaseerd op jarenlange onderzoeken waaruit bleek dat vroeg behandelen voor patiënten met een trage vorm niet per se tot een langer leven leidt. Artsen beginnen met behandeling zodra de ziekte sneller groeit, symptomen ontstaan of bepaalde bloedwaarden verslechteren. Dit voorkort de behandelduur en eventuele bijwerkingen. Er zijn geen directe bijwerkingen van afwachten zelf, maar wel is regelmatige controle nodig om op tijd in te grijpen.

Bruton-tyrosinekinaseremmers (BTK-inhibitoren)

Deze middelen remmen een eiwit (BTK) dat een rol speelt in de groei en overleving van CLL-cellen. Ze worden meestal als tablet gegeven.

Ibrutinib

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Ibrutinib was het eerste BTK-remmend middel en is in officiële behandelrichtlijnen opgenomen. Het gaat in op een signaalroute in de zieke cellen die nodig is voor hun groei. Onderzoeken tonen aan dat patiënten met ibrutinib langer zonder terugkeer van de ziekte blijven dan met klassieke chemotherapie.

Bekende bijwerkingen zijn onder meer diarree, vermoeidheid, infecties (omdat het medicijn ook invloed heeft op afweercellen), hartritme-afwijkingen en bloedingen. Ook kan een verhoogde bloedruk optreden. In recente studies (2026) wordt aandacht besteed aan ernstige infecties onder ibrutinib, waaronder fungale infecties, en aan veranderingen in hartritme die regelmatig moeten worden gecontroleerd.

Acalabrutinib

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Dit is een nieuwer BTK-remmend middel dat selectiever werkt dan ibrutinib — het treft BTK directer en laat andere eiwitten in het lichaam meer ongemoeid. Onderzoeken tonen vergelijkbare werkzaamheid met mogelijk minder bijwerkingen.

De bijwerkingen zijn overall soortgelijk aan ibrutinib (infecties, diarree, vermoeidheid), maar enkele patiënten ondervinden minder problemen met diarree. Ook hartritme-problemen kunnen voorkomen, hoewel in sommige studies minder frequent dan met ibrutinib.

Nemtabrutinib

OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling

Dit is een nog nieuwer BTK-remmend middel dat momenteel in grote klinische onderzoeken wordt getest (onder meer BELLWAVE-011 en BELLWAVE-010, lopend in 2026). Vroege resultaten suggereren vergelijkbare werkzaamheid met mogelijk een gunstiger bijwerkingenprofiel. Omdat het onderzoek nog gaande is, is het niet overal standaard beschikbaar.

Voorlopige gegevens duiden op infecties en vermoeidheid als mogelijke bijwerkingen, maar het volledige plaatje wordt nog in kaart gebracht.

BCL-2-inhibitoren

Venetoclax

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Dit middel werkt op een ander punt dan BTK-remmers: het blokkeert BCL-2, een eiwit dat leukemiecellen voor hun overleven nodig hebben. Venetoclax wordt meestal als tablet gegeven, vaak in combinatie met andere middelen.

Bijwerkingen zijn onder meer lage witte bloedcellen (wat infecties kan veroorzaken), lage bloedplaatjes (bloed stolt slechter), misselijkheid, diarree en vermoeidheid. In recente publicaties (2026) is er aandacht voor zeldzame autoimmune reacties van de huid (bulleuze dermatitis) onder venetoclax. Ook kunnen nierproblemen optreden.

Monoclonale antilichamen

Rituximab

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Dit antilichaam richt zich op een eiwit (CD20) op de oppervlakte van leukemiecellen en merkt ze voor de afweer. Rituximab wordt via infusie gegeven en wordt al twintig jaar gebruikt, vaak in combinatie met chemotherapie.

Bijwerkingen kunnen ontstaan bij de infusie zelf (koorts, rillingen, hoofdpijn) of daarna (infecties, vermoeidheid, lage bloedcellen).

Obinutuzumab

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Dit is een verbeterd antilichaam tegen hetzelfde doel (CD20), met een sterker effect op leukemiecellen. Het wordt via infusie gegeven en staat in behandelrichtlijnen vermeld, vooral in combinatie met venetoclax.

Bijwerkingen zijn soortgelijk aan rituximab, maar obinutuzumab kan sterker werken, wat kan samengaan met infecties en lage bloedcellen.

CD20-gericht T-celantagonistisch antilichaam (AZD5492)

ExperimenteeliLoopt in studieverband, de uitkomst is nog onbekend

Dit is een experimenteel middel dat momenteel in klinische studies wordt onderzocht (lopende trial AZD5492, 2026). Het combineert twee werkingsmechanismen: het richt zich op CD20 op leukemiecellen en trekt tegelijk T-cellen (afweercellen) aan om die cellen aan te vallen. Omdat het nog in onderzoek is, zijn de efficiëntie en volledige bijwerkingsprofiel nog niet duidelijk.

Klassieke chemotherapie

Bendamustine met of zonder rituximab

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Dit is een chemotherapeutisch middel dat DNA-schade in leukemiecellen veroorzaakt. Het wordt vooral gebruikt bij patiënten die geen BTK-remmers kunnen gebruiken of voor wie die niet meer werken.

Bijwerkingen van chemotherapie zijn onder meer lage bloedcellen (anemie, infecties, bloedarmoede), misselijkheid, braken, haaruitval, vermoeidheid en verhoogd risico op tweede kankers op lange termijn.

Combinatieschema's

Bij veel patiënten wordt meer dan één middel tegelijk gegeven. Zo kunnen BTK-remmers worden gecombineerd met antilichamen, of venetoclax met obinutuzumab. Deze combinaties zijn gebaseerd op klinische onderzoeken die aantonen dat de werkzaamheid groter is dan elk middel alleen.

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Veel combinaties (zoals venetoclax + obinutuzumab, of BTK-remmers + rituximab) staan in officiële richtlijnen. Het voordeel van combinaties is vaak dat ze langer werken en recidief wordt uitgesteld. Het nadeel is dat bijwerkingen kunnen toenemen of elkaar versterken — infectierisico en lage bloedcellen zijn belangrijke punten van zorg.

Behandeling van terugkeer of resistentie

Wanneer CLL opnieuw groeit na eerdere behandeling, of niet goed reageert op een middel (refractair), zijn de mogelijkheden afhankelijk van wat eerder is gebruikt.

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Richtlijnen uit 2026 (EHA guidelines) geven aan dat patiënten met terugkomende of resistente CLL meestal overstappen naar een ander middel — bijvoorbeeld van een BTK-remmer naar venetoclax, of andersom. Ook kunnen combinaties anders samensteld worden.

OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling

Voor moeilijk behandelbare vormen worden nieuwe combinaties en doses in onderzoeken getest (onder meer de BELLWAVE-trials met nemtabrutinib + venetoclax).

Behandeling van complicaties

Autoimmune anemie of trombocytopenie

Sommige CLL-patiënten krijgen auto-immmuun-problemen: hun lichaam valt hun eigen rode bloedcellen of bloedplaatjes aan. Dit kan aanleiding zijn voor aanvullende medicijnen.

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Voor autoimmune hemolytische anemie (AIHA) of trombocytopenie kunnen corticosteroïden worden gegeven, of antilichamen zoals sutimlimab (tegen complement, een onderdeel van het immuunsysteem). Deze middelen onderdrukken de auto-immuunreactie.

Infecties

Omdat veel CLL-behandelingen de afweer verzwakken, zijn infecties een groot risico. Dit vraagt soms antibacteriële, antivirale of antischimmelkuren.

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Profylactische ('voorkompende') antibiotica of antiviralia kunnen gegeven worden om infecties te voorkomen, vooral bij patiënten met zeer lage bloedcellen of bij bepaalde risico's. Dit staat in richtlijnen vermeld.

Experimentele benaderingen

T-celtherapie gericht op neoantigen

ExperimenteeliLoopt in studieverband, de uitkomst is nog onbekend

Dit is een zeer geavanceerde benadering waarbij T-cellen (afweercellen) van de patiënt in het laboratorium genetisch worden aangepast om tumorkenmerkende mutaties ('neoantigen') te herkennen. Dit loopt nu in klinische studies (onder meer "Autologous T Cells Transduced With TCRs for Neoantigen", 2026).

Dit is nog zeer experimenteel en alleen beschikbaar in onderzoeksverband. Omdat het op maat wordt gemaakt, kunnen bijwerkingen en werkzaamheid sterk verschillen.

---

_Deze informatie vervangt nooit het oordeel van een arts. Bespreek je situatie altijd met je eigen behandelaar._

↑ Terug naar boven

Gebruikte bronnen

Boven elke bron staat in één zin waar het onderzoek over gaat, zodat je niet op een Engelse vaktitel hoeft af te gaan. Meer studies over Chronische lymfatische leukemie vind je bij publicaties en studies.

↑ Terug naar boven

codex.care geeft geen medisch advies. Bespreek klachten, medicatie en behandelkeuzes altijd met je eigen behandelaar.