# Behandelwijzen bij anaplastisch schildkliercarcinoom
Anaplastisch schildkliercarcinoom (ATC) is een agressieve kanker waarvoor behandeling meestal een combinatie van verschillende therapieën omvat. De keuze hangt af van het stadium, de locatie van de tumor, algemene gezondheid en specifieke genetische kenmerken van de kankercellen. In het volgende overzicht staan de regelmatig toegepaste behandelingen beschreven.
Chirurgie
Bij anaplastisch schildkliercarcinoom kan een operatie onderdeel van de behandeling zijn, vooral als de tumor nog beperkt tot de schildklier lijkt te zijn. Het doel is zoveel mogelijk kankercellen uit het lichaam te verwijderen.
Een volledige verwijdering van de schildklier (totale thyroidectomie) wordt vaak overwogen. Daarnaast kunnen nabijgelegen lymfeklieren en eventueel aangetast weefsel rond de schildklier worden verwijderd. In situaties waarbij de tumor de luchtpijp aanraakt of dreigt af te sluiten, kan een spoedoperatie nodig zijn om de luchtweg vrij te houden (noodtracheostomie).
BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA
Chirurgie alleen is onvoldoende om ATC te genezen, maar vormt vaak een onderdeel van een behandelplan waarin ook andere therapieën worden gebruikt. Veel patiënten ondervinden na chirurgie complicaties als heesheid (door zenuwbeschadiging) of moeilijkheden met slikken.
Chemotherapie
Chemotherapie wordt meestal toegepast in combinatie met andere behandelingen. De medicijnen werkten door sneldelende cellen aan te vallen, maar beschadigen ook gezonde cellen die snel delen, wat bijwerkingen veroorzaakt.
BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA
Chemotherapie wordt in verschillende schema's toegepast, afhankelijk van de situatie. Veelvoorkomende bijwerkingen zijn misselijkheid, braken, vermoeidheid, haaruitval, infecties door verzwakking van het immuunsysteem en bloedingsneiging. Deze bijwerkingen zijn meestal voorbijgaand, maar kunnen significant van invloed zijn op het dagelijks leven tijdens de behandeling.
Bestraling (radiotherapie)
Radiotherapie maakt gebruik van hoogenergetische straling om kankercellen te doden. Deze straling is gericht op de tumor en omliggende weefsel.
BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA
Radiotherapie wordt meestal toegepast na een operatie om resterende kankercellen te vernietigen, of soms in combinatie met chemotherapie. Ook kan bestraling worden ingezet om symptomen te verlichten, bijvoorbeeld als de tumor pijnlijk is of de luchtweg belemmert. Veelvoorkomende bijwerkingen zijn rode of irritatie van de huid in het bestraalde gebied, vermoeidheid, en soms voedingsproblemen als de straling ook de slokdarm raakt.
Doelgerichte therapieën tegen mutaties
Recente onderzoeken toonden aan dat veel anaplastische schildkliertumoren specifieke genetische mutaties bevatten. Er zijn medicijnen ontwikkeld die deze mutaties direct aanvallen.
BRAF-mutaties
Sommige anaplastische schildkliertumoren hebben een mutatie in het BRAF-gen. Hiervoor zijn gericht werkende medicijnen beschikbaar.
BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA
Voor BRAF V600-gemuteerde tumoren kunnen twee soorten remmers samen gebruikt worden: een die BRAF rechtstreeks blokkeert en een die een daaraan gekoppeld signaalmechanisme (MEK) onderdrukt. Deze combinatie toont hogere respons dan één stof alleen. Mogelijke bijwerkingen zijn vermoeidheid, huiduitslag, diarree, gewrichtspijnen en vochtophopingen in het lichaam.
Andere genetische doelen
Onderzoek naar anaplastische tumoren heeft veel andere mutaties opgeleverd, zoals in genen die betrokken zijn bij celsignalering (PTEN, PIK3CA, RAS) of groeibeheersing.
OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling
Medicijnen die tegen deze mutaties gericht zijn, bevinden zich in verschillende stadia van klinisch onderzoek. Sommige tonen beloftevolle resultaten in kleine patiëntengroepen. De bijwerkingen hangen sterk af van welke stof gebruikt wordt, maar kunnen onder meer huidirritatie, diarree, vermoeidheid en effecten op de bloeddruk omvatten.
Immunotherapie
Deze behandelingen werken niet rechtstreeks op de tumor, maar sterken het afweersysteem van het lichaam aan zodat het zelf de kankercellen beter kan herkennen en aanvallen.
BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA
Immunotherapie met controlpuntremmen (medicijnen die bepaalde remmingen van het immuunsysteem opheffen) wordt in toenemende mate toegepast, vaak in combinatie met chemotherapie. Deze aanpak toont betere resultaten dan chemotherapie alleen in verschillende studies. Een belangrijk type bijwerking zijn zogenaamde immuungerelateerde bijwerkingen: het afweersysteem kan ontsteking in het eigen lichaam veroorzaken, bijvoorbeeld in de longen, darmen, hart of endocriene klieren. Deze kunnen ernstig zijn en vereisen zorgvuldige monitoring.
Combinatiebehandelingen
Omdat anaplastisch schildkliercarcinoom zeer agressief is, worden verschillende behandelingen vaak tegelijk of achtereenvolgens toegepast om de beste kans op effect te vergroten.
BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA
Een veel voorkomende benadering is chemotherapie gecombineerd met radiotherapie en immunotherapie. Ook wordt chemotherapie soms gevolgd door een combinatie van gericht werkende middelen tegen specifieke mutaties en immunotherapie. Deze multidisciplinaire aanpak vereist coördinatie tussen chirurgen, internisten, klinisch oncologen en radiotherapeuten. De cumulatieve bijwerkingen kunnen substantial zijn, omdat verschillende therapieën elkaar soms verergeren.
Experimentele en onderzochte benaderingen
Vanwege de slechte vooruitzichten worden veel nieuwe therapieën onderzocht, onder meer in klinische proeven.
OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling
In onderzoek bevinden zich onder meer combinaties van immunotherapie met nieuwe typen gericht werkende middelen, behandelingen die cellen doen "sterven" via ferroptose (een vorm van geprogrammeerde celdood), en therapieën gericht tegen eiwit-eiwit interacties die tumorcellen nodig hebben. Ook testen onderzoekers combinaties van meerdere gerichte middelen tegelijk.
ExperimenteeliLoopt in studieverband, de uitkomst is nog onbekend
Biscifische T-cel activatoren (medicijnen die het eigen afweersysteem rechtstreeks tegen tumorcellen zetten) en andere zeer nieuwe immunologische benaderingen bevinden zich in vroege klinische fasen. Veel moleculaire studies suggereren dat tumorcellen hun strategie kunnen aanpassen om therapieën te omzeilen; onderzoeken probeert hier vroegtijdig iets tegen te doen.
Ondersteunende zorg
Naast de directe kankerbehandeling is zorg gericht op symptoomverlichting en het handhaven van levenskwaliteit essentieel.
Dit kan voedingsadvies omvatten (omdat sliktornis en misselijkheid voeding moeilijk maken), pijnstilling, medicijnen tegen misselijkheid, logopedische begeleiding bij stem- of slikt problemen, en psychosociale ondersteuning. Voor sommige patiënten is psychologische hulp, sociaal maatwerk en praktische hulp thuis van grote waarde.
---
_Deze informatie vervangt nooit het oordeel van een arts. Bespreek je situatie altijd met je eigen behandelaar._