alles over ongeneeslijke ziektes
← Alle ziektes Kanker

Longkanker (kleincellig)

Wil je bericht krijgen als er nieuw onderzoek is over Longkanker (kleincellig)? Dat kan met een account. Maak een gratis account of log in.

Laatst bijgewerkt: 2026-08-10 · automatisch gecontroleerd, steekproefsgewijs nagelopen

# Behandelwijzen bij kleincellig longkanker

Kleincellig longkanker (SCLC) wordt meestal behandeld met chemotherapie, soms aangevuld met bestraling en immunotherapie. De keuze voor behandeling hangt af van de uitgebreidheid van de ziekte op het moment van diagnose en de algehele gezondheid van de patiënt.

Chemotherapie

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Chemotherapie is de hoeksteen van behandeling voor kleincellig longkanker. De meest gebruikte combinaties bestaan uit een platina-preparaat (cisplatin of carboplatin) in combinatie met een ander cytostaticum, meestal etoposide. Deze medicijnen werken door het DNA van kankercellen te beschadigen, zodat ze niet meer kunnen delen en uiteindelijk afsterven.

Voor patiënten met beperkte ziekte (alleen in de borstkas) duurt behandeling meestal 4 tot 6 cycli. Bij uitgebreide ziekte (uitzaaiingen in andere organen) kan de behandeling langer doorgaan, afhankelijk van hoe goed het lichaam erop reageert.

Bekende bijwerkingen van deze chemotherapiecombinaties zijn misselijkheid, braken, vermoeidheid, hemafel (slecht aantal bloedcellen), infectiegevoeligheid en soms schade aan zenuwen (polyneuropathie). Deze bijwerkingen zijn vaak voorbijgaand, maar verdienen aandacht en begeleiding tijdens behandeling.

Bestraling (radiotherapie)

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Voor patiënten met beperkte ziekte wordt vaak bestraling toegepast, vooral op het gebied waar de tumor zich bevindt in de borstkas. Deze bestraling vindt plaats naast of na de chemotherapie. Het doel is om kankercellen ter plaatse op te ruimen en terugval te voorkomen.

Aan het hoofd wordt ook soms profylactische hersenbestraling gegeven (preventief, dus zonder dat er al hersentumoren zijn) omdat kleincellig longkanker vaak naar het brein kan uitzaaien. Deze voorzorgsmaatregel wordt toegepast als de tumor goed op chemotherapie reageert.

Bekende bijwerkingen van thoracale (borstkas)bestraling zijn longirritatie, slokdarmirritatie en soms langdurige longbeschadiging. Hersenbestraling kan geheugen, concentratie en spijsvertering beïnvloeden.

Immunotherapie

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Immunotherapie met checkpoint-inhibitoren (zoals durvalumab) wordt steeds vaker toegepast, vooral bij patiënten met uitgebreide ziekte. Deze medicijnen helpen het immuunsysteem om kankercellen beter te herkennen en aan te vallen. Ze worden meestal gegeven na chemotherapie, of soms in combinatie ermee.

De werking berust erop dat bepaalde kankercelproteïnen het immuunsysteem "uitschakelen". Checkpoint-inhibitoren blokkeren deze rem, zodat T-cellen van het lichaam de kanker beter kunnen bestrijden.

Bekende bijwerkingen zijn griepachtige symptomen, vermoeidheid, huiduitslag en zeer zelden auto-immuunreacties waarbij het immuunsysteem gezonde organen aanvalt (bijvoorbeeld long-, darm- of schildklierproblemen).

Gerichte therapie

OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling Bewezen (afhankelijk van mutatie)

Sommige kleincelligtumoren hebben specifieke genetische veranderingen (bijvoorbeeld RET-fusie of andere drivermutaties). Voor deze tumoren bestaan gerichte medicijnen die precies op die genetische fout inwerken. Een voorbeeld is selpercatinib voor RET-positieve tumoren.

Deze therapieën zijn bewezen effectief voor patiënten met die specifieke mutaties en hebben vaak minder algemene bijwerkingen dan chemotherapie. Daarom is het belangrijk om de tumor op deze mutaties te laten onderzoeken.

Bijwerkingen verschillen per gericht medicijn, maar omvatten typisch vermoeidheid, diarree, bloeddrukveranderingen en soms beschadiging van bepaalde weefsels (bijvoorbeeld hart of nieren).

Combinatiebenaderingen (chemotherapie + immunotherapie)

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

In recent jaren blijkt dat het combineren van chemotherapie en immunotherapie (gelijktijdig of direct na elkaar) beter kan werken dan chemotherapie alleen, vooral bij bepaalde patiëntengroepen. Dit wordt steeds vaker als eerste behandeling ingezet.

Door het immuunsysteem al vroeg in te schakelen, kunnen de afweerreacties beter op gang komen en langer aanhouden. Dit kan leiden tot langere ziekte-vrije periodes.

De bijwerkingen zijn een combinatie van die van chemotherapie en immunotherapie, wat meer aandacht voor begeleiding vraagt.

Carbon-ionbestraling

OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling

Carbon-ionbestraling is een geavanceerde vorm van straaltherapie waarbij zware ionen (koolstofdeeltjes) in plaats van fotonen (normale röntgenstralen) gebruikt worden. Theoretisch heeft dit precisie-voordelen en kan meer kankerweefsel worden vernietigd met minder schade aan gezond weefsel.

Voor kleincellig longkanker zijn de ervaring en beschikbaarheid nog beperkt. Studies vergelijken nu hoe dit type bestraling zich in werkelijkheid verhoudt tot standaardbestraling. Het is momenteel vooral beschikbaar in gespecialiseerde centra.

Bijwerkingen lijken vergelijkbaar met standaardbestraling, maar langetermijngegevens zijn nog beperkt.

Ondersteunende behandeling en symptoombestrijding

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Onafhankelijk van de tumor-gerichte behandeling wordt veel aandacht besteed aan het voorkomen en behandelen van bijwerkingen. Dit omvat medicijnen tegen misselijkheid en braken, bloedtransfusies bij laag bloedcelgehalte, antibiotica of antiviralia bij infecties, en psychologische begeleiding.

Ook voeding, beweging en therapieën om vermoeidheid te verminderen zijn onderdeel van goede zorg. Dit draagt bij aan kwaliteit van leven tijdens en na behandeling.

Pallatieve zorg

BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA

Voor patiënten bij wie de kanker niet meer geneesbaar is, wordt de nadruk verlegd van genezen naar comfort en kwaliteit van leven. Palliatiefspecialisten helpen dan bij pijnbestrijding, ademhalingsproblemen, vermoeidheid en emotionele ondersteuning.

Dit kan thuis, in een hospice of in het ziekenhuis plaats vinden, afhankelijk van voorkeur en behoefte. Palliatiefzorg start niet pas aan het einde van de ziekte; het kan al vroeg worden ingezet naast tumor-gerichte behandeling.

---

_Deze informatie vervangt nooit het oordeel van een arts. Bespreek je situatie altijd met je eigen behandelaar._

↑ Terug naar boven

Gebruikte bronnen

Boven elke bron staat in één zin waar het onderzoek over gaat, zodat je niet op een Engelse vaktitel hoeft af te gaan. Meer studies over Longkanker (kleincellig) vind je bij publicaties en studies.

↑ Terug naar boven

codex.care geeft geen medisch advies. Bespreek klachten, medicatie en behandelkeuzes altijd met je eigen behandelaar.