# Behandelwijzen bij kortedarmsyndroom
Het doel van behandeling bij kortedarmsyndroom (KDS) is om zoveel mogelijk voedingsstoffen op te nemen via de darmen, de lichaamsfunctie te behouden, complicaties te voorkomen en de kwaliteit van leven te verbeteren. De aanpak is stapsgewijs: eerst wordt geprobeerd via aangepaste voeding en ondersteunende therapieën volstaan, en alleen wanneer dat onvoldoende werkt, worden medicijnen of intensievere vormen van voeding ingezet.
Voedingstherapie en voeding via infuus
De eerste stap in de behandeling is meestal het aanpassen van wat en hoe je eet. Een maag-darmarts en diëtist helpen om een voedingsschema in te stellen dat aansluit op hoe veel darm je hebt en hoe goed deze werkt. Vaak worden veel kleine maaltijden gegeven in plaats van drie grote, zodat de overblijvende darm beter kan opnemen. Ook wordt gekeken naar de soort voedsel: sommige mensen toleren bijvoorbeeld vloeibare voeding beter dan vaste voeding, en anderen profiteren van voeding die minder vet bevat.
BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA
Wanneer de dunne darm niet genoeg voedingsstoffen opneemt, kan voeding via een infuus (totale parenterale voeding, TPN) nodig zijn. Dit is een vloeibare voeding die rechtstreeks in een bloedvat wordt gebracht, zodat het lichaam ervan kan gebruikmaken zonder dat het via de darmen hoeft. Dit kan thuis gebeuren, vaak in de avond. Dit geeft veel vrijheid overdag, maar vraagt wel goed leren omgaan met de infuuslijn en regelmatig medisch toezicht. Bijwerkingen kunnen ontstaan rond de infuusplaats (infectie, blokkering) of op langere termijn met de lever.
BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA
Medicijnen die de darm stimuleren
Medicijnen uit de groep van GLP-1-analogen kunnen helpen de overblijvende darm beter te werken. Ze stimuleren de darm om meer voedingsstoffen op te nemen en kunnen de doorvoer van voeding door de darmen verbeteren. Deze middelen zijn afkomstig van onderzoeken naar diabetes en overgewicht, maar worden ook onderzocht voor kortedarmsyndroom. Ze worden ingespoten onder de huid. Bijwerkingen kunnen misselijkheid, buikpijn en veranderingen in de maagontlediging zijn.
OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling
Een ander middel dat in onderzoek is, is glepaglutide. Dit werkt op soortgelijke manier als GLP-1-analogen en lijkt de absorptie van voedingsstoffen te vergroten en de darmfunctie te verbeteren. Het is nog niet in alle landen beschikbaar buiten onderzoeken.
OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling
Ondersteuning van de darmwerking
Sommige medicijnen helpen de darm vochtiger te houden, zodat voeding langer in contact is met het darmslijmvlies en beter kan worden opgenomen. Dit kan relevant zijn bij mensen met veel diarree. Ook kunnen middelen worden gebruikt die de doorgang van voeding door de darmen vertragen, zodat er meer tijd is voor opname.
BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA
Microbioomondersteuning
Onderzoek toont aan dat de samenstelling van bacteriën in de darmen (het microbioom) belangrijk is voor voedingsopname en gezondheid. Bij kortedarmsyndroom is dit microbioom often ontregeld. Diëtisten kunnen adviseren over voedingskeuzes die bepaalde nuttige bacteriën aanmoedigen. Ook wordt onderzocht of voedingsstoffen (prebiotica) of bacteriënpreparaten (probiotica) kunnen helpen, maar het bewijs hiervan is nog beperkt en het effect verschilt sterk per persoon.
OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling
Behandeling van complicaties
Bloedstolsels voorkomen
Omdat mensen met kortedarmsyndroom langdurig infuusvoedering krijgen via een bloedvat, is er verhoogd risico op bloedstolsels rond de infuuslijn. Een ESPEN-richtlijn (Europese voedingsorganisatie) uit 2026 adviseert regelmatig medisch toezicht en waar nodig medicijnen die de bloedstolling remmen. Dit zijn dezelfde middelen als bij andere aandoeningen met stolingsrisico.
BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA
Bescherming van de lever
Langdurige totale parenterale voeding kan op den duur de lever belasten (intestinale-failuurgeassocieerde leverziekte). Medisch toezicht omvat regelmatige bloedonderzoeken. Ook kunnen bepaalde voedingsaanpassingen helpen, zoals het toevoegen van bepaalde vetstoffen of het zo veel mogelijk normale voeding via de mond blijven gebruiken, zelfs als dit slechts een klein deel van de voedingsbehoefte dekt.
BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA
Behandeling van hoogtevloeiing (high output stoma)
Sommige mensen hebben na darmchirurgie een kunstmatige opening (stoma) of veel diarree met grote vloeistofverlies. Nieuw onderzoek uit 2026 toont aan dat bepaalde medicijnen (GLP-1-analogen) kunnen helpen deze vloeistofverlies te verminderen en zo de vochthuishouding stabieler te maken.
OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling
Darmregeneratie en chirurgische opties
Darmverlenging en chirurgie
In sommige gevallen kunnen chirurgische ingrepen helpen. Bijvoorbeeld door de overblijvende darm los te maken en langer uit te rekken, of door darmgedeelten die niet meer bloed krijgen te herstellen (revascularisatie). Dit zijn complexe ingrepen die alleen in gespecialiseerde centra plaatsvinden. Recent onderzoek toont aan dat combinatie van darmresectie (verwijderen van beschadigde delen) en bloedvaatherstel bij bepaalde patiënten nuttig kan zijn.
BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA
(in geselecteerde gevallen)
Regeneratie van darmweefsel
Onderzoek naar de vraag of beschadigde darmen zichzelf kunnen regenereren of 'opnieuw groeien' is voortdurend bezig. Dit betreft onder meer het gebruik van groeifactoren en stamcellen, maar deze behandelingen bevinden zich nog in onderzoeks- en experimenteelfase en zijn niet routinematig beschikbaar.
ExperimenteeliLoopt in studieverband, de uitkomst is nog onbekend
Ondersteunende behandeling
RELiZORB
Dit is een onderzoeksproduct dat eiwit helpt af te breken in de dunne darm, zodat het beter kan worden opgenomen. Een fase 3-onderzoek loopt in 2026. Het is nog niet als standaardbehandeling geaccepteerd.
OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling
Regelmatig medisch toezicht
Omdat kortedarmsyndroom veel gevolgen kan hebben (vochtgebrek, mineraaltekorten, leverbelasting, infecties), is regelmatig contact met het ziekenhuis belangrijk. Dit omvat bloedonderzoeken, controle van gewicht en uitdroging, en gesprekken over hoe het voeding en kwaliteit van leven gaan.
BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA
Psychosociale ondersteuning
Het leven met kortedarmsyndroom kan emotioneel belastend zijn: het vergt veel aandacht voor voeding en medische behandeling, en kan sociale activiteiten bemoeilijken. Ondersteuning door psychologen, diëtisten en lotgenotengroepen kan helpen met aanpassingen en emotionele belasting.
BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA
---
_Deze informatie vervangt nooit het oordeel van een arts. Bespreek je situatie altijd met je eigen behandelaar._