# Voeding en diëten bij beroerte
Voeding speelt een belangrijke rol in het herstellingsproces na een beroerte. Niet alleen tijdens de acute fase — wanneer slikken soms moeilijk is — maar ook in de maanden daarna, wanneer het lichaam kracht terugwint en de hersenen zich herstellen. Onderzoek van de afgelopen jaren toont aan dat wat je eet invloed heeft op je functioneel herstel, je spiermassa en je kans op een volgende beroerte.
Dit tabblad beschrijft welke voedingspatronen en diëten bij beroertepatiënten worden onderzocht of aanbevolen, en wat het onderzoek erover leert.
Mediterraan voedingspatroon
BewezeniOpgenomen in officiële richtlijnen, of goedgekeurd door EMA of FDA
Dit patroon bestaat uit veel groente, fruit, volgranen, vissen en gezonde vetten (vooral olijfolie), met beperkt rood vlees en beperkte zoutinname.
Onderzoek toont aan dat dit patroon sterk samenhangt met minder herseninfarcten en een beter functioneel herstel ná een beroerte. Een groter observationeel onderzoek (2026) naar meer dan 400.000 mensen vond dat mensen die zich het meest mediterraan eten, minder vaak een beroerte krijgen én beter herstellen als het wel gebeurt. Dit patroon helpt ook tegen hoge bloeddruk en verhoogde cholesterol — beide belangrijke risicofactoren voor een volgende beroerte.
Een risico is dat sommige mediterrane voedingsmiddelen (noten, bepaalde vissen) voor sommige mensen moeilijk te eten zijn, vooral in de eerste weken na een beroerte. Een revalidatiearts of diëtist kan helpen dit patroon aan te passen aan wat je op dat moment kunt eten.
Voeding met veel groente en fruit
OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling
Dit houdt in: dagelijks meerdere porties groente en fruit, in verschillende kleuren, omdat ze verschillende beschermende stoffen bevatten.
Onderzoek uit 2026 laat zien dat mensen die meer groente en fruit eten, minder vaak een beroerte krijgen. Ook is opvallend: vrouwen die al een beroerte hebben gehad, geven in interviews aan dat ze meer groente en fruit willen eten voor hun herstel, maar dat ze drempels ervaren — sommige groenten zijn moeilijk schoon te maken, sommige zijn moeilijk te eten of te kauwen. Dit onderzoek suggereert dat groente en fruit belangrijk zijn voor revalidatie, maar dat praktische steun nodig kan zijn.
Een voorzorgsmaatregel: in de eerste dagen of weken na een beroerte kunnen ruwe groenten risicovol zijn voor verschikt, vooral als je moeite hebt met kauwen of slikken. Een diëtist kan aangeven welke vormen (gaar, gemalen, als soep) veilig zijn in jouw fase.
Eiwitrijke voeding
OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling
Dit patroon richt zich op voldoende eiwit per dag — uit vlees, vis, eieren, zuivel, peulvruchten en noten — om spiermassa behouden en op te bouwen.
Revalidatie na een beroerte gaat gepaard met veel liggen en onbeweeglijkheid, zeker in de eerste weken. Dit veroorzaakt spierverlies. Onderzoek uit 2026 toont aan dat patiënten met betere voedingsstatus (gemeten onder meer via spiercirkelgrootte) minder snel malnutritie krijgen en sneller herstellen. Ook is opgemerkt dat de relatie tussen je gewicht en hoe goed je herstelt ingewikkelder is dan lange tijd gedacht: niet alleen 'te dun' is een probleem, maar ook onvoldoende spiermassa terwijl je zwaar bent. Voldoende eiwit helpt de spieren gezond te houden.
In de revalidatiefase (weken tot maanden na de beroerte) kan eiwitrijke voeding helpen wanneer je fysiotherapie doet en aan het bewegen bent. Echter: in de allereerste dagen, als slikken risicovol is, moet eiwittoevoer voorzichtig gebeuren en soms via een slangetje via de neus.
Voeding met gezonde vetten en lage cholesterol
OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling
Dit patroon beperkt verzadigde en transvetten en focust op gezonde vetten uit vissen, olijfolie, noten en zaden.
Verhoogde cholesterol (vooral LDL-cholesterol) is een sterke risicofactor voor een beroerte. Onderzoek uit 2026 onderstreept dat wereldwijd miljoenen mensen kampen met te hoge cholesterol. Na een beroerte is het belangrijk om dit in balans te brengen — deels door medicatie, maar ook door voeding. Visse met veel omega-3-vetten (zalm, makreel, sardine) worden in veel richtlijnen genoemd als beschermend.
Dit patroon sluit goed aan bij het mediterraan patroon. Een aandachtspunt: sommige vette vissen kunnen voor mensen met slikproblemen moeilijk te eten zijn, maar ze kunnen ook als soep of fijngemaakt ingenomen worden.
Beperkte zoutinname
OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling
Dit houdt in: voeding zo zoutarm mogelijk, omdat zout bloeddruk verhoogt, en hoge bloeddruk een grote risicofactor voor beroerte is.
Na een beroerte is het sowieso gebruikelijk de zoutinname te verlagen als onderdeel van het herstelbeleid. Onderzoek naar mediterraan eten en naar fysieke activiteit toont aan dat lage zoutinname samenhangt met beter functioneel herstel. In Nederland en veel andere landen is zout in bewerkte voeding (brood, vleeswaren, soepen uit blik) een grote bron; bewuste keuze voor minder verwerkte voeding helpt.
Een praktisch aandachtspunt: veel voeding die makkelijk te eten is (zuivelproducten, brood, vleeswaren), bevat veel zout; dit vereist aandacht van jezelf en je zorgverleners.
Voldoende vocht
OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling
Dit houdt in: regelmatig water, thee of ander vocht drinken, zodat je niet uitdroogt.
Onderzoek naar patiënten in revalidatie toont aan dat ondervoeding en uitdroging samen voorkomen en beide herstelling vertragen. Vooral in de eerste weken, wanneer slikken moeilijk is, kan je niet genoeg drinken. Soms wordt vocht toegediend via het slangetje of via infuus.
Later, wanneer je zelfstandig kunt drinken, is regelmatig water of thee belangrijk. Dit is niet alleen voor voeding, maar ook voor preventie van trombose (bloedstolsels) en blaasontsteking.
Voeding na afzetting van het slangetje
OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling
In de eerste dagen of weken na een beroerte kunnen veel patiënten niet veilig eten of drinken, en krijgen voeding via een voedingsslangetje (nasogastrische sonde) of intraveneus. Dit slangetje wordt verwijderd zodra je veilig kunt slikken.
Recent onderzoek (2026) laat zien dat het moment waarop je het slangetje kunt weghalen belangrijk is: hoe sneller je weer normaal kunt eten, hoe beter. Echter, dit mag niet voorbijgestreefd worden; je musculatuur rond de slokdarm moet eerst hersteld zijn. Een logopedist of spraak-/sliktherapeut bepaalt meestal wanneer dit veilig is. Zodra je het slangetje af hebt, moet voeding voorzichtig worden opgebouwd — eerst zachte voeding, daarna normaal.
Inname van specifieke voedingsstoffen: creatine
ExperimenteeliLoopt in studieverband, de uitkomst is nog onbekend
Creatine is een natuurlijke stof die het lichaam helpt spierenergie aan te maken. Onderzoek uit 2026 suggereert dat creatinesupplementatie kan helpen wanneer je zeer weinig beweegt (spieronbruik), vooral in de eerste maanden na een beroerte. Echter: dit onderzoek is nog in een vroeg stadium, en het is niet duidelijk voor wie het werkt, in welke dosis, of op welke momenten.
Dit wordt momenteel niet standaard aanbevolen na beroerte, maar kan onderdeel zijn van onderzoek in gespecialiseerde centra.
Gewicht en malnutritie
OnderzochtiPositieve resultaten in klinische studies, nog geen standaardbehandeling
Na een beroerte kan malnutritie (ondervoeding) snel ontstaan — door slikproblemen, depressie, medicijnen die je eetlust verminderen, of simpelweg omdat je niet zelfstandig kunt eten. Onderzoek uit 2026 toont aan dat malnutritie sterk samenhangt met slechter herstel en grotere invaliditeit.
De normaal gebruikelijke maat (Body Mass Index, BMI) vertelt niet het hele verhaal: twee mensen met dezelfde BMI kunnen heel verschillend herstellen, afhankelijk van hoeveel spiermassa zij hebben. Daarom meten revalidatiecentra tegenwoordig ook spiercirkelgrootte en andere maten van spierkwaliteit.
Gewichtstoename is na een beroerte ook een risico: veel patiënten bewegen minder, voelen zich depressief, of krijgen medicijnen die eetlust verhogen. Dit verhoogt het risico op een volgende beroerte. Daarom is voeding bij beroerte maatwerk: niet te weinig (ondervoeding vermijden), niet te veel (overgewicht en risico voorkomen), en gericht op spierkwaliteit.
---
Voedingskeuzes na een beroerte zijn zeer individueel en hangen af van je fase van herstel, je slikkwaliteit, je voorkeur en eventuele andere ziekten. Wat voor de één werkt, hoeft niet voor de ander. Een diëtist of voedingsspecialist — liefst één die ervaring heeft met beroertepatiënten — helpt je een voedingsplan op maat te maken dat aansluit bij jouw revalidatie en jouw leefstijl.
_Deze informatie vervangt nooit het oordeel van een arts. Bespreek je voedingskeuzes altijd met je eigen behandelaar of diëtist._